03

Dit artikel hoort bij: Alle Hens 08

‘Nadruk op leiderschap, niet op afknijpen’

Tekst LTZ 2OC (SD) Joost Margés
Foto KPL 1 Zadrach Salampessy | Video: SGTBDAV Ruud Mol

Zout water belangrijk bestanddeel Maritieme Introductie Periode KIM

De regen geselt de lekkende tenten van ‘Camping Nooitrust’ op de Joost Dourleinkazerne. Tijdens de Maritieme Introductie Periode (MIP) van het Koninklijk Instituut voor de Marine (KIM) biedt Texel dé omstandigheden om van individuen een groep te maken. In een snelkookpan van zout water, fysieke en mentale uitdagingen en leiderschapstraining, starten aspirant-adelborsten met hun officiersopleiding aan het KIM. “Meer dan vroeger ligt de nadruk op het ontwikkelen van leiderschap en veel minder op fysiek afknijpen.”

Op Zr. Ms. Rotterdam kwamen de aspirant-adelborsten meteen in contact met de maritiem-militaire operationele wereld.

Dit jaar viert de Nederlandse Defensie Academie het 10-jarig bestaan. In dat decennium hebben de Koninklijke Militaire Academie (KMA) en het KIM de handen meer en meer ineengeslagen. Waar de KMA van oudsher land- en luchtmachtofficieren voortbrengt, doet het KIM dat sinds jaar en dag met officieren voor de KM. Inmiddels is er op het vlak van met name wetenschappelijk onderwijs veel kruisbestuiving. Toch hechten de opleidingsinstituten ook aan de eigen identiteit, aldus hoofd Praktische Maritieme Militaire Vorming en Sport van het KIM, majoor der mariniers Frank Ramakers. “Vandaar dat onze aspiranten tijdens de MIP een gedeelte van het programma volgden op Zr. Ms. Rotterdam. Zo kwamen ze meteen in contact met de maritiem-militaire operationele wereld. Ook hier op Texel zitten we dicht op het water; heel belangrijk voor de vorming van onze toekomstige officieren.”

‘Op Texel zitten we dicht op het water; belangrijk voor de vorming van onze toekomstige officieren’

Leiderschap en competenties

“Tijdens de MIP ervaren aspirant-adelborsten vooral dat alleen een gedegen studie niet voldoende is om officier bij de KM te worden”, stelt Ramakers. “Hier leren ze om op te kunnen treden als teamspeler binnen de krijgsmacht in het algemeen en de KM in het bijzonder. Daarnaast brengen we ze bij hoe je veilig zeemanschappelijke taken aan boord van een schip vervult. Ook belangrijk: dat zij na de MIP het verband kunnen leggen tussen normen, waarden en gebruiken van de KM. Ten slotte maken we ze bewust van hun toekomstige rol en verantwoordelijkheid als marineofficier.”

Dat alles gebeurt niet uit de losse pols, weet de majoor der mariniers. “Voor de competentieontwikkeling kijken we naar 10 competenties (besluitvaardigheid, communicatie, flexibiliteit, initiatief, integriteit, omgevingsbewustzijn, oordeelsvorming, samenwerken, stressbestendigheid en verantwoordelijkheidsbesef). Deze komen uit de ‘Profielschets Subalterne Krijgsmachtofficier’ van de Commandant der Strijdkrachten. Voor leiderschap werken we met het Situationeel Leiderschap-II model. Hierbij is van belang dat aspiranten uiteindelijk  de 4 leiderschapsstijlen (leiden, begeleiden, ondersteunen en delegeren) kunnen toepassen.”

‘Hier leren ze om op te kunnen treden als teamspeler binnen de krijgsmacht in het algemeen en de KM in het bijzonder.’

Geestelijke bagage

De 121 mensen (17 tot 29 jaar oud) die naar Texel afreisden, kwamen terecht in 7 bakken. Hierin zijn de kandidaten zorgvuldig gemixt: dames, heren, aspirant-adelborsten ‘kort model’ (HBO’ers/WO’ers) en ‘lang model’ (VWO’ers). Ook qua korpsen (Logistieke Dienst, Technische Dienst, Zeedienst en Korps Mariniers) is het geheel versnipperd over de groepen. Aan het hoofd van elke bak staat een baksmeester, die gedegen is voorbereid. De 5 sergeanten van de mariniers en het 2-tal van de vloot zijn intern opgeleid, met aandacht voor ethiek, communicatieve vaardigheden, didactiek, observatiesystematiek, feedback, evalueren en reflecteren.”

“Natuurlijk zijn we nog steeds streng”, geeft Ramakers toe. “Dat hoort bij de opleiding en het bijbrengen van discipline. De vorming is fysiek zwaar, maar we proberen mensen toch vooral geestelijke bagage mee te geven.” Anders dan je zou verwachten, stuurt het kader niemand weg. Ramakers: “Het Diensten Centrum Werving en Selectie en de Aanname Advies Commissie hebben de aspiranten goedgekeurd. De MIP is te kort om te kunnen oordelen of mensen uiteindelijk niet geschikt zouden zijn om als officier bij de KM aan de bak te gaan. Wél komt het voor dat mensen zelf hun biezen pakken. Omdat ze heimwee hebben, het toch niet aan hun verwachtingen voldoet of ze niet intrinsiek gemotiveerd zijn.”

Over de bunker, door de duinen en door naar het strand; met een straffe wind tegen vervolgen de aspiranten hun weg.

Terug op aarde

De cultuurshock hakt er natuurlijk ook in, weet vlootpredikant Johan Trouwborst. “We hebben te maken met de smartphone-generatie. De jongere van nu is heel contactueel: zonder Wifi geen leven voor de dood. Bij aanvang van de MIP lever je alles in, zoals je portemonnee, kleding en inderdaad ook je smartphone. Ruim 4 weken heb je alleen per briefpost contact met thuis. Gisteren is de post weer uitgedeeld, aan het einde van een fysiek en mentaal zware dag. Dat deed veel met mensen.”

Bak 7 weet wat Trouwborst bedoelt. “We kregen opdrachten die haalbaar leken, maar dat niet waren”, zegt een aspirant. “Je moet onder druk toch proberen de juiste beslissingen te nemen; sommigen storten dan in, anderen gaan juist stralen”, vertelt een volgende. “We kregen uiteindelijk te horen dat we 48 uur ononderbroken op sjouw zouden gaan, omdat we het ‘verprutst’ hadden.”

Op dat moment deelde Ramakers mee dat de stress op deze dag bewust was opgebouwd, zodat de aspiranten  konden ervaren wat dit met ze deed. Daarop kwamen er baksmeesters binnen met cola en bitterballen. De dag zat erop. “De dominee hield toen een inleiding over wat stress met je doet en hoe je er mee om kunt gaan”, vervolgt weer een ander. “En er was post. Dat leidde wel tot ‘zweetogen’. We waren weer even terug op aarde; iedereen was echt heel blij.”

‘Natuurlijk zijn we nog steeds streng; dat hoort bij de opleiding en het bijbrengen van discipline.’

‘We hebben te maken met de smartphone-generatie; zonder Wifi geen leven voor de dood’

‘Texel doe je samen.’

Texel doe je samen

De volgende dag is het weer tijd voor actie; rubberboot op de schouders en stompen over het eiland. Over de bunker, door de duinen en door naar het strand. Met een straffe wind tegen vervolgen de aspiranten daar hun weg, terwijl de boot naar Den Helder op de achtergrond traag voorbijvaart. Baksoudsten delen korte bevelen uit, mensen jutten elkaar op. ‘Texel doe je samen’, zo klonk het een dag eerder al. En waarom ze überhaupt aan de officiersopleiding begonnen? Van de antwoorden kun je een reclamebrochure maken: uitdaging, saamhorigheid, afwisseling, reizen, avontuur.

Van de initiële 121 aspiranten brengen 112 de MIP tot een goed einde. Zij stappen op 4 september moe, maar voldaan en met opgeheven hoofd het KIM binnen. Hier wacht hen dan de korpsintroductie voor het Korps Adelborsten. Op 18 september worden de aspirant-adelborsten geïnstalleerd tot adelborst. Daarna volgen de vaktechnische opleidingen, het vervolg van de maritiem militaire opleidingen en (voor de ‘lang model’-opleiding) het wetenschappelijk onderwijs. Voor de mannen met rode bies lonkt de Praktische Opleiding tot Officier der Mariniers. Een volgende belangrijke fase gaat nu in, onderweg naar het echte werk.