Tekst Arno Marchand
Foto boven: korporaal 1 Barend Westerveld

Samen internationaal trainen in Portugal

x
Leestijd: 5 minuten
Scroll naar beneden voor de video

Eindelijk weer eens oefenen in internationaal gezelschap. Voor zowel het Defensie Helikopter Commando (DHC) als 11 Luchtmobiele Brigade (11LMB) was het niet alleen fijn, maar vooral broodnodig. Dat is de mening van leider der oefening (LDO) majoor Ernst van Lankveld. “Je staat er versteld van hoe snel kennis en ervaring achteruit hollen als je anderhalf jaar niet echt kunt trainen.” De oefening Hot Blade in Portugal kwam daarom als geroepen.

Helikopteroperaties bestaan uit grotere air assaults met meerdere eenheden en kleinere raids: snel erin en eruit. Foto’s: korporaal 1 Barend Westerveld

Zo’n 250 man en vrouw personeel van zowel 11LMB als van het DHC vertrokken met vier Chinooks en drie Cougars midden juni voor zo’n drie weken naar Beja in Zuid-Portugal. Doelstelling van de oefening is het verhogen van de interoperabiliteit met partnerlanden door het vliegen van composite air operations (Comao’s). In de ochtend plannen, ’s middags – en soms ook ’s avonds – een Comao vliegen met zoveel mogelijk deelnemers. Daarbij meestal in de avond nog een eigen oefenprogramma voor de afzonderlijke deelnemers. Die komen deze editie naast Nederland en gastland Portugal, onder andere uit België, Oostenrijk en Slovenië.

Zoek de verschillen tussen de Cougars: een AS532 U2 van 300 Squadron en een AS532 AL van de Sloveense luchtmacht. Foto's: Anke van Dalen

‘Lege helikopters hebben veel minder meerwaarde dan met gevechtstroepen’

Grondtroepen

Hot Blade is van oudsher een transporthelikopteroefening. “In principe doen gevechtshelikopters geen brown outs; die blijven in de lucht om ons te beschermen”, verduidelijk Van Lankveld, Chinook-vlieger en hoofd Current Ops van 298 Squadron. Daarbij was de eerste editie Hot Blade nog alléén een helikopteroefening, dus zonder inzet van grondtroepen. Maar die tijd is voorbij. “Met lege helikopters vliegen heeft veel minder meerwaarde dan wanneer je gevechtstroepen bij je hebt”, geeft majoor Rein Nieuwland aan, hoofd Helikopter Operaties binnen 11LMB. “De organisatie had behoefte aan grondtroepen en wij zijn onlosmakelijk verbonden met het DHC binnen het 11 Air Manoeuvre Brigade-concept. Zo waren wij in 2014 de eerste troepen die meededen. Sindsdien zijn er pas échte scenario’s mogelijk en zijn wij zeer gewaardeerde deelnemers in deze vliegoefening.”

Meer zien van de oefening? Bekijk dan deze video van adjudanten Eva Klijn en Arnoud Schoor

Onderhoud gaat gewoon door tijdens de oefening. Foto’s: Sven Scheffers.

‘Op de vliegbasis werkte, at en sliep iedereen in zijn eigen bubbel’

Corona-proof

Zuid-Portugal is de plaats van handeling en de gastheren doen er alles aan de deelnemers een goede training te geven. Daarvoor gebruiken ze de slapende vliegbasis Beja, die ze voor oefeningen als deze weer actief maken. Op dezelfde basis vond een maand geleden nog de NATO Tiger Meet plaats. De Nederlandse F-16 deelname moest destijds worden afgebroken door een corona-uitbraak. Dat hoefde deze keer niet, ook al was de procedure vergelijkbaar: logistiek (65 containers) deels over de weg, maar meest per schip en het grootste deel van het personeel met een corona-proof chartervlucht van Eindhoven rechtstreeks naar Beja. “Ondertussen is iedereen gevaccineerd waardoor we ook geen quarantaineverplichting hadden”, licht Van Lankveld toe. “Op de vliegbasis werkte, at en sliep iedereen in zijn eigen bubbel: met andere naties werkte en vergaderde je op anderhalve meter en binnen droeg je mondkapjes. Dat ging perfect. We hadden geen coronagevallen.”

Hot Blade is een oefening georganiseerd door de European Defence Agency. Die helpt de 26 lidstaten bij de ontwikkeling van hun militaire capaciteit. Foto: korporaal 1 Barend Westerveld

‘Finesse raak je kwijt: praten we nog wel dezelfde taal?’

Roestig

Nieuwland en Van Lankveld kennen elkaar inmiddels intensief. Die band start met de verkenning en voorbereiding in aanloop naar de oefening. “We hebben veelal dezelfde gedachtes en dat werkt heel prettig”, geeft Nieuwland aan. “En mocht die mening toch verschillen, dan zijn we eerlijk naar elkaar.”

Ook de luchtmobieler merkt dat na ruim een jaar alleen trainen in eigen land, kennis en kunde snel achteruit gaan. “Die worden vrij snel roestig. De ervaren mannen weten nog wel hoe alles gaat, maar de finesse raak je kwijt. Praten we bijvoorbeeld nog wel dezelfde taal? En de nieuwe mannen hebben natuurlijk helemaal nog niet samengewerkt met helikopters. Die moeten nog kennismaken met de luchtvaartcultuur. We hebben eigenlijk anderhalf jaar stilgestaan. Bij een oefening als Hot Blade weet je dat je elke dag een missie hebt. Pelotonscommandanten leerden omgaan met korte planningen, meer tijdsdruk en het daardoor sneller nemen van beslissingen."

Naast de Nederlandse luchtmobielers, deden dit jaar ook Portugese troepen en een aantal Joint Terminal Attack Controllers uit België mee. Foto: korporaal 1 Barend Westerveld

‘Niet zomaar een beetje comfortabel vliegen en rustig een flesje water drinken’

Scharrig

Het gebied in Portugal leent zich over het algemeen goed voor landingen in zogeheten degrated visual environment landings, in de praktijk meestal brown outs. Maar dit jaar moeten de helikopters voor die omstandigheden toch een paar honderd kilometer noordelijk vliegen omdat ook in Portugal het weer van invloed is op de bodemgesteldheid.

De directe omgeving van de vliegbasis kenschets Van Lankveld als scharrig: “erg ruw terrein met scherpe rotsen waar het moeilijk is een vlak stuk te vinden.” Warm is het er ook, tot zo’n 35 graden. “In die omstandigheden heb ik nu zelf ook eens een missie meegemaakt in de cockpit”, geeft Nieuwland aan. “Dan merk je dat het niet zomaar een beetje comfortabel vliegen is en rustig een flesje water drinken. Het is hard werken achter dat glas.”

Oostenrijk is nou niet direct een land waarmee Nederland veel samenwerkt. De PC-7 (links) fungeerde als close air support-vliegtuig, de OH-58 acteerde als gevechtshelikopter. Foto links: Sven Scheffers. Foto rechts: korporaal 1 Barend Westerveld

‘Zo hebben we veel geluidsexport gerealiseerd’

Leiding

Portugal biedt mogelijkheden en ruimte die er in het overvolle Nederland niet zijn: een open terrein dat lijkt op een toekomstig inzetgebied, waar veel kan en mag. “Zo hebben we veel geluidsexport gerealiseerd: 75 uur voor de Cougar en 150 uur voor de Chinook”, benadrukt Van Lankveld.

Ondanks anderhalf jaar niet internationaal oefenen, is de ervaring van de Nederlanders gelukkig nog steeds op hoog niveau. Van Lankveld: “We kregen geregeld de leiding en als we die niet hadden, werd er vaak naar ons gekeken hoe wij het zouden doen. De uitvoering is eigenlijk een simpele optelsom: dít hebben we en dát moeten we doen. Maak op basis daarvan een plan.” En dat gebeurde ruim twee weken lang. “We waren moe van steeds weer hetzelfde oefenen op de Harskamp of de Marnewaard”, besluit Nieuwland. “Dit was een welkome maar vooral ook een noodzakelijke afwisseling voor ons allemaal.”

Wellicht was Hot Blade de laatste grote oefening van de CH-47D. Foto: Sven Scheffers