01

Dit artikel hoort bij: de Vliegende Hollander 08

‘Vliegende veteraan’ schiet te hulp

Cougars naar vermogen ingezet bij Disaster Relief Bahama's

x
Scroll naar beneden voor de video

Met het transport van tientallen mensen, duizenden liters water en hulpgoederen liet het 300 Squadron zien dat de Cougars van onschatbare waarde zijn tijdens een missie als Disaster Relief Bahama's. ‘Dit de mooiste missie die ik ooit heb kunnen doen’, klinkt het. Maar toch is het glas ook halfvol, omdat technische mankementen het detachement parten speelden.

Het amfibisch transportschip, met Cougars én NH90 op het achterdek, en hydrografisch opnemingsvaartuig Snellius.

Heli uit. Sleuren. Slepen. Sjouwen. Het zijn rollen dakbedekking. Pakketten met zeep en tandenborstels. Liters water. In de underslung hangen rode vaten met brandstof. Het zweet parelt van de gezichten. En dan… duiken de onvermoeibare mannen de heli weer in om een volgende lading te halen op het vliegveld.

Het detachement van het 300 Squadron heeft tijdens Disaster Relief Bahama's de dobberende Johan de Witt als thuishaven.
Loadmaster Mark kijkt uit over de puinhopen van Abaco.

Geïsoleerd

Het is het werk van ‘300’ op Abaco. Het Bahamaanse eiland wordt begin september hard getroffen door Dorian, de orkaan die met windsnelheden van bijna 300 kilometer per uur over Abaco raast. Het eiland is geïsoleerd geraakt. Het vliegveld staat onder water. Havens raken onbereikbaar. Van de 17.000 inwoners vluchten er duizenden. Voor de mensen die achterblijven en de orkaan overleven, ontbreekt het aan basisgoederen als water en voedsel.
Hulpgoederen duiken overal op, maar transportmiddelen ontbreken. In deze fase, een week nadat de orkaan het eiland teistert, is er naast het menselijke leed het infrastructurele probleem. Niet alleen de huizen zijn gereduceerd tot puin, maar ook de wegen zijn onbegaanbaar. Op sommige plekken is het asfalt, door de hevige regenval, weggespoeld. Het noorden van het eiland is verstoken van goederen, doordat de orkaan een brug verwoestte. Dan maken de Cougars met underslung-capaciteit het verschil.

Vanuit de lucht is de schade die orkaan Dorian aanrichtte goed te zien.

Alle krijgsmachtdelen

11 september komen amfibisch transportschip Zr.Ms. Johan de Witt en hydrografisch opnemingsvaartuig Zr.Ms. Snellius aan in het gebied. Aan boord 550 Nederlandse, maar ook 50 Franse en evenzoveel Duitse militairen. Alle krijgsmachtdelen zijn vertegenwoordigd. Van genisten en medici van de landmacht tot een very shallow water-team van de marine.
De eerste recces gaan met de Cougars door de lucht. Met de transporthelikopter worden ook de eerste tientallen militairen aan land gezet, tot de landingsvaartuigen een geschikte plek hebben gevonden om aan wal te komen.
Het duo Cougars met een team van 27 mannen en vrouwen, opereert vanaf Zr.Ms. Johan de Witt. “We zouden meedoen aan Caribbean Coast, een oefening voor het bieden van noodhulp na een natuurramp”, vertelt vlieger eerste luitenant Joeri. “Die oefening werd hier realiteit. Je kunt moeilijk in het gebied gaan trainen, maar niet de noodhulp gaan verlenen daar waar het nodig is. Gaan helpen. Dingen doen. Dát is wat je wilt.”

Met hulp van de mariniers worden de ladingen onder de heli bevestigd.
De hulpgoederen van NGO’s worden in de heli geladen. Mark: ‘Alles wat door de deur past, gaat mee.’

Wat past, gaat mee

“Het is een missie waar je echt kan laten zien waar de Cougar goed in is”, zegt loadmaster sergeant-majoor Mark. Het toestel kan 18 mensen vervoeren, 12 als het ‘volgehangen’ mariniers zijn, exclusief de flight crew. In geval van een medevac is er ruimte voor 6 gewonden.” Even hielden de mannen ook rekening met het scenario van transport van stoffelijke overschotten. Mark: “We zijn altijd op alles voorbereid.”
De toegevoegde waarde zit hem in de transportcapaciteit van goederen. “Alles wat door de deur past, gaat mee”, zegt Mark op wat er van het vliegveld van Abaco over is. De Cougar kan in de tropische temperaturen van de Bahama’s maximaal 2.700 kilo vervoeren. Het is bikkelen, sleuren met goederen. Snot voor de ogen en gaan. Op het hoogtepunt vlogen “we 11 uur op 1 dag. Je wilt alleen maar doorgaan. Je krijgt er energie van.”

Even pielen

Met de underslung worden 4 vaten brandstof tegelijk naar de afgelegen gebieden gebracht, zoals Fox Town. “Het enige dat we vonden was een klein betonnen plaatje, met een bootramp aan de weg. 30 bij 30 meter. Elektriciteitsleidingen over de weg. Een omgevallen mast. Het is even pielen voor je er landt met je kist”, zegt Joeri.
Het laat hen niet onberoerd. Joeri laat zijn hand even uit het raam hangen als de spullen worden uitgeladen. “Opeens pakte iemand hem vast van buiten de heli. Een bewoner die ons maar bleef bedanken. Dan ben je zó blij dat je een bijdrage hebt kunnen leveren.”

Meer zien over de inzet van de Cougar? Bekijk dan deze video.

De mariniers zorgen ervoor dat de lading veilig vervoerd kan worden. Dan is het opstijgen en gaan.

Dagen sleutelen

De Cougar geldt als een vliegende veteraan. “De heli is al een oud beessie uit 1996”, zegt Joeri. “In het begin van de reis naar hier heeft mijn team al flink aan ze lopen sleutelen: onderhoud en reparaties. De technische dienst draaide overuren.”
Eenmaal op de Bahama’s blijkt ook een motor van een Cougar onder te presteren. Daarvoor is een vervangend exemplaar nodig en moet een specialist ingevlogen worden. Ook de tweede Cougar kampte met technische mankementen. Alles kost dagen sleutelen en specialistische technische bevoegdheid die je op een schip, midden op zee niet voorhanden hebt.”

(l.) Overleg voor 1 van de vluchten over het geteisterde eiland. Loadmaster Mark (r.): 'Je wilt alleen maar doorgaan. Je krijgt er energie van.'

Pech

Het squadron is daarom gedwongen te opereren in de marges van haar kunnen. De wens voor inzet blijft, een behoefte die het squadron maar al te graag inlost. “We hebben 3 dagen lekker kunnen werken”, zegt Mark. “Onze technische dienst sleutelde dag en nacht, maar we konden niet verder. Dit was gewoon echt pech. Het roept frustraties op, maar veiligheid wordt altijd gewaarborgd”, verzekert hij. Maar ervan uitgaan dat de kisten altijd kunnen uitrukken onder deze omstandigheden voert te ver. Het glas is daarom halfvol, geven de mannen aan. “Het is dubbel”, zegt Joeri. “We hadden graag de hele operatie willen bijdragen.” De Cougars staan nu in Curaçao, waar ze extra onderhoud krijgen.

300 Squadron maakt een Cougar op de Zr.Ms. Johan de Witt klaar voor een volgende vlucht.
‘We zijn zo’n hechte club. 300 squadron gaat altijd door.’

Zonder heli nergens

En toch. Ja, er zijn technische onvolkomenheden. Maar het zijn de acties van die 3 dagen die blijven hangen. Ook bij commandeur Ad van de Sande, de commandant van Netherlands Maritime Force, die de hele noodhulpoperatie op Abaco coördineerde. “Het blijft techniek. De Cougars zijn al wat ouder; dan loop je dit risico. In het begin hebben de heli’s echter écht een verschil gemaakt.”
Of vraag het Ted Honcharik, voorzitter van het Fuel Relief Fund. Zijn organisatie kwam met de brandstof die de transporthelikopters over het eiland vervoerden, naar plekken waar geen voertuig kon komen. “Zonder de heli’s waren we nergens. Het is fantastisch dat we ons samen met de Nederlandse militairen konden inzetten voor de bevolking van Abaco.”

‘Het is dubbel. We hadden graag de hele operatie willen bijdragen.’

Mooiste ooit

Na een week maakt het helidetachement de balans op: 53 vlieguren, 2 medevacs, 5.000 liter brandstof, 5.500 kilo hulpgoederen en tientallen mensen aan wal gezet. Het zijn de cijfers die tastbaar maken hoeveel werk de Cougar op Abaco heeft kunnen verzetten. “Dát is dan ook het gevoel dat bij de luchtmachtmilitairen hoogtij viert”, zegt Joeri. “Ik ben ontzettend blij dat we die dagen alles uit de kast hebben gehaald om bij te dragen aan de noodhulp op Abaco. Het geeft zo’n boost.” Loadmaster Mark valt hem bij. “We zijn zo’n hechte club. 300 squadron gaat altijd door. Voor mij is dit de mooiste missie die ik ooit heb kunnen doen. Dat je de bevolking kan helpen… het geeft een gevoel dat niet te beschrijven is.”

Niet alleen de Cougars worden inzet in de Bahama’s. De KDC-10 vertrekt zo snel als kan van Eindhoven (foto l.) en vliegt militairen en materieel naar Sint-Maarten dat zelf in 2017 nog werd getroffen door orkaan Irma. Foto links: sergeant-majoor Hille Hillinga

Tekst: ritmeester Saminna van den Bulk
Foto's: sergeant Sjoerd Hilckmann
Video en montage: sergeant-majoor Robbert Harteveld