06

Dit artikel hoort bij: Landmacht 05

Helden onderscheiden

Tekst elnt Wouter Helders
Foto kpl-1 Hille Hillinga

x

Het Bronzen Kruis wordt verleend aan hen die moedig of beleidvol optreden tegen de vijand. Je verdient het aan het front. Of op een andere plek waar je oog in oog met de tegenstander staat. 2 landmachtmilitairen en 1 marinier zijn sinds kort trotse dragers van deze bijzondere onderscheiding. 

Tijdens een besloten ceremonie op de Koninklijke Militaire Academie in Breda kregen 2 landmachtmilitairen en een marinier het Bronzen Kruis en een marinier het Kruis van Verdienste door Defensieminister Hennis-Plasschaert op hun borst gespeld. Ze verdienden de dapperheidsonderscheiding vanwege hun daden tijdens Task Force 55. Deze samengestelde eenheid van commando’s, mariniers en functioneel specialisten opereerde in het zuiden van Afghanistan. De genist en de commando deden mee aan 18 gevaarlijke meerdaagse operaties. Tijdens gevechten lagen ze onder vijandelijk vuur en lieten door optreden zien echte leiders te zijn.

‘Achteraf besef je dat we geluk hadden’

kruis

Sergeant-1 Minze is groepscommandant van de vaste geniegroep. Samen met zijn 6-koppige team spoort hij tijdens zijn uitzending 21 Improvised Explosive Devices op. Zelfs als hij op een bermbom stapt, weet hij het hoofd koel te houden.

Minze: “Het was een uitzending met geen enkele operatie zónder bijzonderheden. Er was altijd wel contact met de insurgents, in de vorm van een gevecht of door onze primaire taak: Improved Explosive Devices (IED’s) vinden. Allemaal heelhuids terugkomen. Daar ging het mij om. En tegelijkertijd een goede sfeer handhaven. Best lastig soms, want er werd van ons als genisten veel gevraagd.

Zo was er een dag waarop we 6 IED’s vonden. Voor euforie was weinig plaats. Die dag sloten we af met een zwaar contact waarbij een collega gewond raakte. Achteraf besef je dat we veel geluk hebben gehad. Ook met mij zelf is het bijna een keer mis gegaan. Tijdens een operatie ging ik op de hoofdlading van een IED staan. Het bleek te gaan om een explosief met een houten plunjer. Dergelijke bommen waren voor ons op dat moment alleen met het oog te vinden (niet met de normale middelen zoals metaaldetectors, red.). Nadat ik de jongens in de Bushmasters had gestuurd, onderzocht ik de IED en vond vervolgens een tweede. Hoewel de Explosieven Opruimingsdienst de explosieven uiteindelijk wist te ruimen en wij gewoon verder konden searchen, gaf dit voorval ons een onprettig gevoel. We konden op dat moment niet op onze middelen vertrouwen en alleen maar op elkaar.

Van dit soort gebeurtenissen heb ik als militair leider het meest geleerd. Snel en onder druk beslissingen nemen. De mannen kijken naar jou als leider en verwachten dat je er staat.”

‘Wij zochten de Taliban actief op’

Dreiging van bermbommen, kleinkaliberwapens en antitankgranaten. De vele meerdaagse operaties die eerste luitenant (tegenwoordig kapitein, red.) Erik van het Korps Commandotroepen uitvoert, gebeuren onder extreem gevaarlijke omstandigheden.

Erik: “Het is alweer 4 jaar geleden, maar ik ben vereerd deze waardering te krijgen. Een beetje dubbel voelt het wel. Het was natuurlijk een teamprestatie. Ik kijk met een goed gevoel terug op de uitzending. Ja, het was gevaarlijk. We voerden veel meerdaagse operaties uit en zochten actief de vijand op. Het opsporen van hun safe havens in de bergen van Zuid-Afghanistan was lastig. Elke keer als je de poort uitging, wist je dat er gevechtscontact zou komen.

Vooral de samenwerking was positief. Wij werden aangeklikt bij een groep mariniers (Maritime Special Operations) en op persoonlijk en op tactisch niveau verliep die coöperatie perfect. Als er stront aan de knikker was, hielp iedereen elkaar. Ook mijn rol als ploegcommandant beviel me goed en ik merkte dat de mannen me respecteerden. Ik heb er bijvoorbeeld bewust voor gekozen altijd in het voorste voertuig te rijden. Daardoor, en omdat ik altijd zelf deelnam aan acties, hadden we een erg sterk team.” 

Vanaf het basiskamp vertrekken 15 voertuigen met circa 50 man.

Doel: In de bergen van zuidelijk Afghanistan ‘safe havens’ van de Taliban opsporen en uitroken.

Onderweg veel dreiging van IED’s in door de Taliban gecontroleerde bergpassen. De genie helpt mee de IED’s op te sporen.

Na x-aantal uur rijden komen de mannen aan op een van te voren gekozen locatie in de bergen. Hier richten ze met de voertuigen een '360' in.

Vanuit hier gaan - vooral ’s avonds - teams op waarnemings- en verkenningsmissies. Veelal lopend gaan de militairen de bergen in (meestal 10 à 20 kilometer) en nemen hun posities in.

Doel? Inlichtingen vergaren en bijvoorbeeld waarnemers en sluipschutters van de Taliban uitschakelen. Meestal wordt na een dag in het veld weer terug verplaatst naar de '360' en trekt een ander team erop uit.