Tekst ritmeester Arthur van Beveren
Foto sergeant Cinthia Nijssen

‘We doen het hier echt als team’

De Defensie Materieel Organisatie maakt de verbinding tussen willen en kunnen. De DMO vormt de brug tussen de wens van de klant, de operationele commando’s (marine, landmacht, luchtmacht en marechaussee), en de mogelijkheden die de budgetten en de markt bieden. In een reeks artikelen geven medewerkers een gezicht aan de DMO en vertellen hoe die (ver)binding met en door de DMO tot stand komt. Deze keer is dat majoor Bert Bosch, werkzaam bij het typebureau F-35 op de Kromhoutkazerne.

De muren in het kantoor in Utrecht zijn net voorzien van levensgrote foto’s van het nieuwste jachtvliegtuig van de luchtmacht, de F-35. En niet geheel toevallig lopen hier een aantal militairen in Luchtmachtblauw rond. Dit is het typebureau F-35 dat valt onder de afdeling Luchtvaartsystemen van de Directie Wapensystemen en Bedrijven van de DMO. “Onze primaire taak is het borgen van de veiligheid en luchtwaardigheid van het toestel. Bij alles wat we doen staat dat op nummer 1”, begint majoor Bosch.

Op de Kromhoutkazerne in Utrecht bewaakt majoor Bert Bosch samen met zijn DMO-collega’s de luchtwaardigheid van de F-35.

‘Primaire taak is de veiligheid en luchtwaardigheid van het toestel’

800 criteria

Aanpassingen aan de F-35 komen eerst langs het bureau van Bosch en zijn 15 collega’s, die elk een eigen expertise in huis hebben. “Alle ontwerpwijzigingen die aan het vliegtuig plaatsvinden, zowel hardware als software, worden getoetst en gecertificeerd”, vervolgt Bosch. “Er zijn minor en major geclassificeerde ontwerpwijzigingen afhankelijk van de impact op luchtwaardigheid. Die 1e mogen we zelfstandig afdoen. Bij de 2e verrichten wij al het voorwerk maar ligt de goedkeuring bij de Militaire Luchtvaart Autoriteit.” Het gehele F-35 ontwerp is onderhevig aan ruim 800 luchtwaardigheidscriteria. Zelfs de bedieningshandleiding (Flight Manual) hoort daarbij. Een fout daarin zou grote gevolgen kunnen hebben voor de veiligheid en luchtwaardigheid van het toestel.

‘Ontwerpwijzigingen F-35 worden aan meer dan 800 criteria getoetst’

In juli kwamen F-35 nummers 10 en 11 in Nederland aan. (foto: sergeant Jan Dijkstra)

Risico-analyse

Voor elke aanpassing wordt op basis van de criterialijst een rapport opgesteld. “Voldoet die of niet”, verduidelijkt Bosch. “Als een criterium niet voldoet, wordt daarvoor een risico-analyse opgemaakt. Low en medium geclassificeerde risico’s worden verzameld, van de serious of high risico’s wordt een aparte risico-analyse opgemaakt. Indien er geen technisch bezwaar is, sturen we deze door met een technisch advies richting Commando Luchtstrijdkrachten (CLSK). Het is dan aan CLSK de keuze of zij de risico’s accepteren.”

Onderhoud aan een F-35 in de Verenigde Staten in 2016. De ervaringen van de werkvloer zijn belangrijk voor het typebureau F-35 van de DMO. (foto: sergeant-majoor Gerben van Es)

‘Belangrijk om contact te houden met de werkvloer’

In ontwikkeling

Omdat Nederland al vroeg meedeed aan het F-35-programma heeft het al veel revisies van het vliegtuig meegemaakt, weet ook Bosch. “Het vliegtuig is nog steeds in ontwikkeling. We krijgen de vliegtuigen binnen in verschillende configuraties die allemaal net even anders zijn door de doorgevoerde ontwikkelingen. Wij controleren dus ook of die nieuwe vliegtuigen voldoen. Verbeteringen of nieuwe toepassingen horen hier ook bij. Zo is er onlangs een nieuwe software-upgrade doorgevoerd met daarin het Automated Ground Collision Avoiding System. Hierbij neemt het vliegtuig de controle over van de vlieger als die in een bepaalde manoeuvre te dicht bij de grond zit. Het is een nieuwe eigenschap die eerder dan gepland is doorgevoerd. Dat is echt een ‘biggie’ omdat die duidelijk invloed kan hebben op de luchtwaardigheid van de F-35. In de toekomst gaan we vooral aanpassingen aan de vliegtuigelektronica en wapentechniek zien op basis van de technische ontwikkelingen en eisen van de gebruiker.”

Majoor Bert Bosch werkte zelf als onderofficier binnen het F-16-programma. Nu controleert hij aanpassingen aan de F-35.

Op de werkvloer

Bosch haalt die verhalen soms zelf op, omdat hij het belangrijk vindt dat zijn bureau contact houdt met de werkvloer. “Persoonlijk vind ik het belangrijk omdat ik zelf als onderofficier tot 2004 binnen de F-16 gemeenschap heb gewerkt. Het is een andere tijd met een nieuw toestel maar de ervaring van toen vind ik nog steeds waardevol omdat ik weet hoe berichten op de werkvloer ontvangen worden en waar knelpunten kunnen ontstaan”, legt hij uit. “We moeten hier niet op een eiland zitten. We gaan met zowel de vlieger als de sergeant op de werkplaats in gesprek. Wat ervaren ze? Waar lopen ze tegen aan en missen ze informatie? Die feedback is waardevol en nemen we mee zodat we maar mogelijk kunnen bijsturen.” Het contact wordt volgens Bosch gewaardeerd en het maakt de lijntjes kort. “Periodiek hebben we een afstemmingsoverleg in de driehoek, bestaande uit onze organisatie als normsteller, de onderhouder (de technici op het onderdeel) en de gebruiker, de operationele community, de vlieger.”

Teamwork

Door de coronamaatregelen is het stil op de Kromhout. Maar iedereen blijft in nauw contact en maakt gebruik van elkaars expertises. “De aanpassingen die langskomen hebben vaak invloed op meerdere aspecten van het vliegtuig. Van motor tot subsystemen zoals koeling en hydraulica, van wapens en munitie, mechanica tot aan avionica. Ieder heeft zijn eigen vakgebied. We doen het hier echt als team.”