06

Dit artikel hoort bij: Defensiekrant 23

Waar staat Defensie en wat moet er nog gebeuren?

Tekst & Foto: Ritmeester Arthur van Beveren

Minister Bijleveld bekijkt ontwikkelingen marine in Den Helder

Defensie heeft er de afgelopen jaren flink wat geld bijgekregen, waardoor er weer geïnvesteerd kon worden in mens en materieel. Die investeringen zijn krijgsmachtbreed zichtbaar. De Defensiekrant loopt deze weken mee met 3 werkbezoeken van minister Ank Bijleveld om te kijken waar we staan en wat er nog moet gebeuren.

In deel 2 van deze drieluik bezoekt de minister de marinehaven in Den Helder.

‘De leaseconstructie pakt voor Defensie goed uit’

“Hij valt wel op tussen alle grijze marineschepen, de knalrode Geosea”, vertelt defensieminister Ank Bijleveld. “Dit civiele schip is de komende 5 jaar in dienst van de marine totdat we een nieuw mijnenbestrijdingsschip hebben, speciaal voor autonome systemen. De leaseconstructie pakt voor onze organisatie heel goed uit, hoor ik van de enthousiaste commandant van de Mijnenbestrijding Module Groep (MMG) luitenant ter zee der eerste klasse Joris. Met zijn team krijgt hij hier de ruimte om te pionieren met allerlei innovatieve uitrusting.

Kwartiermeester Eelco (links) en bootsman Jeffrey laten nieuwe duikrusting zien aan minister Ank Bijleveld en Commandant Zeestrijdkrachten vice-admiraal Rob Kramer.

Duikset

Kwartiermeester Eelco en bootsman Jeffrey laten me de nieuwe duikuitrusting zien. Het zijn de meest moderne middelen, waaronder een onderwater navigatiesysteem met scherm voor duikers. Met nieuwe techniek komen soms ook nieuwe uitdagingen vertellen ze me. De geavanceerde duikset hang je niet 1, 2, 3 op je lichaam zoals het oude systeem. Daar gaat wat extra voorbereiding aan vooraf. Gelukkig krijgen ze hier de tijd om de nieuwe apparatuur uitgebreid te testen.

De onderwaterdrone Remus is de nieuwste aanwinst voor de Mijnenbestrijding Module Groep.

Autonome systemen

Sergeant Jermaine laat me de Remus zien, een onderwaterdrone die zelfstandig een gebied kan afzoeken naar bijvoorbeeld zeemijnen. We hebben inmiddels 12 van deze onbemande onderzeebootjes die hoge kwaliteit videobeelden naar het moederschip sturen. Ook Jermaine krijgt de tijd om te leren omgaan met deze autonome systemen die op den duur een deel van het gevaarlijke werk van een mijnenjager met bemanning kan overnemen. Wat ze missen, maken ze trouwens zelf. In een 3D-geprinte kop hebben de mannen een cameraatje geïnstalleerd, zodat de Remus ook vooruit kan kijken.

De marine least het civiele schip Geosea en de burgerbemanning voor een periode van 5 jaar.

Samenwerking

Van de beschikbaarheid van de rode Geosea wordt optimaal gebruikt gemaakt. Niet alleen door de MMG, maar ook boarding teams, speciale eenheden van NLMARSOF en DMO gebruiken het schip voor trainingsdoeleinden. Op de brug spreek ik de kapitein. De civiele medewerkers vinden het prachtig om marinemensen aan boord te hebben. En andersom is de civiele werkwijze soms net een stukje sneller dan die van de eigen organisatie. Ook niet onbelangrijk, het eten aan boord evenaart soms dat van de marinekoks!

Vice-admiraal Rob Kramer wijst minister van Defensie Ank Bijleveld op de nieuwe SMART-L radar op Zr.Ms. De Zeven Provinciën. Het nieuwe apparaat kan doelen tot 2.000 kilometer onderkennen.

Varen

Voordat ik de pas opgeknapte Zr.Ms. De Zeven Provinciën bezoek maak ik met Commandant Zeestrijdkrachten vice-admiraal Rob Kramer een boottocht door de nieuwe haven. We hebben geluk, want er liggen heel veel schepen binnen. Een indrukwekkend gezicht. Wat me direct opvalt op het luchtverdedigings- en commandofregat De Zeven Provinciën is dat de mensen ontzettend blij zijn om weer te varen. Daar doen de jongens en meiden het toch voor. Niet gek ook, want het schip lag 4 jaar binnen. Gelukkig voldoet het nu aan de eisen van de tijd.

Nieuwe technieken maar ook een nieuwe kombuis op Zr.Ms. De Zeven Provinciën.

Kinderziektes

Een nieuwe commando- en technische centrale, kombuis, SMART-L radar en een digitaal storingssysteem waardoor ze met grote touchscreens het schip kunnen monitoren. De wat oudere bemanning was in het begin sceptisch, terwijl de jongeren het systeem heel snel oppikten. Commandant kapitein-luitenant ter zee Bob van Hoof was eerlijk over de eerste dagen in het opwerktraject. Niet alles werkte naar behoren, en dat is nog steeds het geval, maar kinderziektes horen erbij. En de ervaringen met de De Zeven Provinciën zullen gebruikt worden voor de schepen die later het instandhoudingsprogramma ingaan.

‘Niet alles werkte direct naar behoren’

Minister Ank Bijleveld in gesprek met bemanningsleden van Zr.Ms. De Zeven Provinciën.

Waardevolle kracht

Los van de techniek moeten we blijven investeren in de mens. Dat bleek wel uit mijn gesprek met een aantal bemanningsleden. Zo loopt korporaal Yannick er tegenaan dat hij niet makkelijk door kan groeien in zijn functie. Terwijl hij juist de waardevolle technische kracht is die we zo hard nodig hebben. Daar ligt voor ons een aandachtspunt.

Ik vertrok met een goed gevoel uit Den Helder en dat kwam door het enthousiasme van Yannick en al zijn collega’s die mij een waardevol inkijkje in hun wereld gaven.”