Tekst Ritmeester Jessica Bode
Foto Herman Zonderland

Internationale vraag naar tekeningen defensiemedewerkster

Door een moeilijke jeugd met geestelijke mishandeling krijgt defensiemedewerkster Kim de Snoo (21) in 2018 de diagnose PTSS. Na jaren van therapie en tal van gesprekken met hulpverleners vindt de managementassistente nu rust in het tekenen van militairen en militaire voertuigen. Op tal van kazernes hangen haar creaties en onder meer het Amerikaanse en Engelse leger zijn geïnteresseerd. 

Kim had nooit gedacht dat tekenen zo goed zou zijn voor haar gezondheid. “Ik ben door veel therapeuten, maatschappelijk werkers en psychiaters behandeld. Terwijl een vel wit papier en wat potloden eigenlijk effectiever zijn in mijn strijd tegen PTSS. Ik heb mijn leven weer opgepakt, het gaat echt beter.” 

Kim en haar broertje groeiden middenin de vechtscheiding van hun ouders op.

Vechtscheiding

Haar problemen beginnen als Kim 7 jaar is en haar ouders gaan scheiden. Een vechtscheiding, waarbij de vader zijn kinderen geestelijk mishandelt. Vele jaren durven de kinderen niets te vertellen. Als uiteindelijk de bom barst gaan instanties als politie en crisisdienst zich met het gezin bemoeien. Er volgt een contactverbod voor haar vader. Kim is dan 12 jaar. 

Ze probeert haar verleden een plekje te geven en gaat een droomstage tegemoet bij de luchtmacht. Dan gaat het mis. “Een getrokken verstandskies bleef maar pijn doen. Een dokter concludeerde dat het geen pijn was, maar klachten van een burn-out. Later werd PTSS gediagnostiseerd.”

Kim tekent het liefst dingen na, omdat ze dan aan de tekeningen kan werken wanneer het haar uitkomt.

De eerste tekeningen

Haar wereld stort in en maandenlang schieten haar emoties alle kanten op, met serieuze zelfmoordgedachten tot gevolg. Totdat ze ontdekt dat door te tekenen de rust in haar hoofd terugkeert. “Bij een schietpartij bij ons in de buurt werd de Dienst Speciale Interventies (DSI) ingeschakeld. Ik was erg onder de indruk van de operators en ging ze natekenen.  Zonder erbij na te denken zette ik een van die tekeningen op social media. Nooit gedacht dat het zoveel reacties zou ontketenen.”

‘Het is moeilijk te beschrijven, maar het zet mijn leven op de rit’

De DSI ziet de tekeningen en vragen om meer exemplaren. Ook de Special Forces van de marine en het Korps Commandotroepen doen verzoekjes. “Ik mocht zelfs bij de commando’s op bezoek voor een soort rondleiding. Dat heeft erg veel indruk gemaakt. In een hele donkere tijd was dit echt een lichtpuntje.”

Sinds juli vorig jaar heeft Kim zeker 30 tekeningen gemaakt, waar ze zo’n 4 tot 8 uur mee bezig is. Het gros hangt op kazernes of in kantoren. “Het is moeilijk te beschrijven, maar het zet mijn leven op de rit. Ik was angstig, emotioneel, ingetogen en introvert, maar omdat er veel vraag is naar mijn tekeningen moet ik met mensen in gesprek. Daardoor heb ik geleerd me open te stellen en over mijn verleden te praten.”

Aanvankelijk tekende Kim alleen personen na, maar sinds ze bij het Opleidings- en Trainingscentrum Rijden van de landmacht werkt, zijn het ook voertuigen.

Audi en BMW

In september vorig jaar ging Kim aan de slag als managementassistent bij het het Opleidings- en Trainingscentrum Rijden (OTCRij) van de landmacht. Haar collega’s ontdekten haar tekentalent vrij snel en vroegen of ze ook voertuigen van het OTCRij kon maken. “Het ontploft. De marechaussee toont interesse, net als de genisten en rode baretten van de landmacht, het Amerikaanse, Engelse en Belgische leger en de automerken Audi en BMW. Ook mag ik volgende week bij defensieminister Bijleveld langs om een en ander te laten zien”, zegt Kim glunderend van oor tot oor.

“Maar”, vervolgt ze op strenge toon. “Het is en blijft een hobby. Ik wil aan ieders wensen tegemoetkomen, maar wel in mijn tempo. Het moet leuk blijven, anders wordt tekenen juist een probleem.” 

Wie meer tekeningen van Kim wil bewonderen, gaat naar haar Instagram (kim_defencedrawings) of naar haar website (www.kunstenkim.nl).  

‘Terwijl een vel wit papier en wat potloden eigenlijk effectiever zijn in mijn strijd tegen PTSS’