Tekst Leo de Rooij
Foto Hans Roggen

Militair centraal in ‘one stop shop’

Foto boven: Oud en nieuw in één beeld gevangen: projectleider Eikelboom vergelijkt het ontwerp van de nieuwe voorgevel met de bestaande situatie.

Het Centraal Militair Hospitaal (CMH) gaat op de schop. Hét ziekenhuis voor militairen transformeert tot een multifunctioneel gebouw waarin hospitaal, militaire geestelijke gezondheidszorg, een tandheelkundig regiocentrum, bloedbank en apotheek worden ondergebracht. Pijler sprak over de plannen voor nieuwbouw en uitbreiding met een bevlogen projectleider.

Projectleider Eikelboom: ‘Enorm leerzame klus’.

Of het nu gaat om het plaatsen van stopcontacten, het vervangen van een deur of de nieuwbouwplannen van het CMH: bij alle vastgoedprojecten in de militaire gezondheidszorg duikt zijn naam op. Specialist Leo Eikelboom begeleidt namens Defensie de nieuwbouw en renovatie van het CMH. “Door een strategische alliantie zijn we onlosmakelijk met het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMC) verbonden”, legt hij uit. “Daarnaast heeft dit ziekenhuis kennis van bouwen in de zorgsector, waardoor het projectmanagement dáár ligt. Defensie fungeert als opdrachtgever en begeleidt het proces.” 

“Het CMH wordt beter herkenbaar als militair hospitaal.”

Hoogwaardige zorg

Vuistdikke rapporten zijn er over volgeschreven. Eindeloos veel is er over vergaderd, maar kort gezegd komt het hier op neer: om het CMH-gebouw beter te laten aansluiten bij het systeem van hoogwaardige zorgverlening, is een verbouwing nodig die wordt gekoppeld aan de reorganisatie van de militaire gezondheidsorganisatie. Eikelboom: “Aanzet was de noodzaak om de militaire geestelijke gezondheidszorg te verplaatsen van UMC naar CMH. Dat betekende dat er nieuwbouw moest komen. Tegelijkertijd werd besloten om op deze centrale locatie ook de Militaire Bloedbank, inclusief strategische bloedopslag (nu nog in Leiden), te huisvesten en een regionaal tandheelkundig centrum te openen. Grootse plannen, waarvoor een immens project werd opgetuigd.”

De bestaande ontvangst- en wachtruimte krijgt een totale ‘make over’.

“Een bezoek aan het CMH moet het gevoel van een warm bad geven.”

Militair staat centraal

Het CMH-personeel was nauw betrokken bij het nieuwe ontwerp en heeft hier ook uitgebreid over kunnen meepraten. Het belang van de patiënt stond nadrukkelijk voorop. Het Programma van Eisen onderstreept dat met begrippen als ‘vertrouwen, helder, kameraadschap, hostmanship’. Projectleider Eikelboom somt op: “Het CMH wordt beter herkenbaar als militair hospitaal. Er komt een vriendelijkere entree met een patiëntvriendelijkere benadering. De militair staat centraal en krijgt met alle functionaliteiten onder 1 dak een ‘one stop shop’ gepresenteerd. Zorg- en dienstverlening zijn soepel geregeld, de wachttijden zijn kort. Als er al gewacht moet worden, dan kunnen militair en achterban zich nuttig en plezierig bezighouden. Een bezoek aan het CMH moet het gevoel van een warm bad geven.”

Anders werken

Voor het zover is, moet er nog veel werk verzet worden. Geen verbouwing zonder rompslomp, geen verhuizing zonder rommel, geen nieuwbouw zonder troep op de werkplek. Eikelboom: “Maart 2016 wordt een cruciale maand, dan staat goedkeuring van het definitieve ontwerp gepland. De patiënten gaan er pas vanaf het laatste kwartaal van 2016 iets van merken, dan start de bouwvoorbereiding. Maar de CMH-medewerkers ervaren de veranderingen nu al. Zo lopen er workshops over werken met een centrale front- en backoffice, wat toch een andere manier van optreden betekent. Verder komt er straks per verdieping een mix van alle noodzakelijke ‘functionaliteiten’ die de dienst- en zorgverlening aan de militair verder ten goede komen. Dit betekent wel dat personeel zijn manier van werken nog verder moet verbeteren, een aspect waar ruime aandacht voor komt. Het gaat om medisch specialisten, functieondersteuners, medisch secretaresses, doktersassistenten, stafmedewerkers. Overigens zijn alle medewerkers ondertussen uitgebreid geïnformeerd en worden de plannen breed gedragen. 

Op de computer worden alle ruimtes minutieus aangepast en ingetekend.

Gas geven

Voor iedere projectleider is een project van dergelijke omvang een gigantische uitdaging, beseft ook Eikelboom. “Enorm leerzaam, deze klus. Ik doe echt veel kennis en ervaring op, zeker gezien de grootschaligheid. Maar ook omdat we binnen Defensie natuurlijk geen enkele ervaring hebben met de manier waarop je een ziekenhuis verbouwt. Het zaken doen met het UMC vraagt veel flexibiliteit en daagt ons uit. Al met al zijn we heel alert. Als de militair straks hoogwaardiger kwalitatieve zorg krijgt aangeboden, is onze missie geslaagd.” 

Overal verspreid door het ziekenhuis kom je nu wachtruimtes tegen. Ook dat gaat veranderen.