Tekst Jack Oosthoek
Foto Louis Meulstee

CDC-psychologen zetten Tunesische collega’s op het goede spoor

Ze kwamen, zagen en vielen soms van hun stoel van verbazing. Vijf Tunesische militairen trokken door Nederland om een beeld te krijgen van de hulpverlening aan militairen die met stress of andere psychische problemen kampen. Met majoor Stefan van Herpen van de Militair Geestelijke Gezondheidszorg (MGGZ) als begeleider had het Commando DienstenCentra een belangrijke vinger in de pap. 

Arme jongens, die Tunesiërs. Al jaren wordt hun land geteisterd door revoluties, opstanden en aanslagen. Denk aan de recente bloedbaden in de badplaats Sousse (juli; 39 doden) en bij het Bardomuseum in de hoofdstad Tunis (maart; 24 doden). Intussen geldt in Tunesië zelfs de noodtoestand.

Door het voortdurende geweld worstelt personeel van hulpverleningsinstanties als brandweer, politie en ambulancediensten met stress. Onder hen ook militairen. Staan in ons land hulpverleners voor ze klaar, in Tunesië moeten ze hun boontjes door een gebrek aan een professioneel systeem van psychologische hulpverlening zelf doppen. Van Herpen, zelf klinisch psycholoog: “Er is wel wat, maar dat is niet zo super-ontwikkeld als bij ons.”

Sportinstructeur sergeant 1 Lieske Dekkers geeft op de Oranjekazerne in Schaarsbergen uitleg over de Nederlandse militaire training in mentale weerbaarheid.

“De Tunesiërs willen graag veranderen, maar hebben daarvoor niet de juiste middelen”

In het vliegtuig

Om hun systeem van ‘stressmanagement’ te verbeteren heeft het Noord-Afrikaanse land de hulp van Europa ingeroepen. Via het Ministerie van Buitenlandse Zaken is Tunesië bij de Nederlandse krijgsmacht terecht gekomen. Door alle missies bulkt die van de kennis en ervaring over de opvang en begeleiding van personeel met trauma’s.

Via de afdeling Internationale Samenwerking (IMS) van de Defensiestaf zijn de Tunesiërs in contact gekomen met de Militair Geneeskundige Gezondheidszorg. In 2013 stapt een delegatie in het vliegtuig om ginds onder het motto train the trainer voor het eerst cursus te geven. 

De Tunesiërs vinden het bijzonder dat Nederlandse militairen al in het begin van hun loopbaan mentaal (zwaar) op de proef worden gesteld. Tunesische militairen krijgen daar pas in een later stadium mee te maken.

Winst behalen

Van Herpen: “We hebben de Tunesiërs uitgelegd hoe de psychologische hulpverlening in ons land werkt, wat we in huis hebben en hoe je een cliënt behandelt. Maar ook dat een militair zijn werk in moeilijke omstandigheden alleen goed kan doen als hij fysiek en mentaal fit is.”

Volgens Van Herpen pikken de Tunesiërs de lessen goed op. Sommigen geven ondertussen met het Nederlands lespakket in de hand zelfs les aan eigen personeel. “Maar er valt nog veel winst te behalen”, benadrukt Van Herpen. “Vooral bij leidinggevenden moet het belang van psychologische hulpverlening nog groeien, waarschijnlijk een gevolg van een gebrek aan ervaring. De cultuurverschillen met Europa spelen eveneens een rol. Tunesiërs schamen zich ervoor om over hun emoties te praten. Je houdt je probleem voor je en je draagt je trauma manmoedig.” 

Bezoek aan het Skills Lab van 11 Medical Company Air Mobile. Daarin wordt de hulpverlening na een ongeluk in bijvoorbeeld een woestijn nagebootst.

“In Tunesië houd je je probleem voor je en je draagt je trauma manmoedig”

Klinisch psycholoog luitenant-kolonel Liesbeth Horstman en majoor Stefan van Herpen van de MGGZ fungeerden als gastheer en gastvrouw voor de Tunesische delegatie.

Helend effect

Tijdens hun oriëntatiebezoek aan ons land kijken de Tunesiërs (vier psychiaters en één arts-manager) hun ogen uit. Op verschillende (CDC)-locaties krijgen ze informatie over hoe psychologen, commandanten en andere leidinggevenden personeel met psychische klachten ondersteunen en wat een training in mentale weerbaarheid inhoudt. Zo’n moderne aanpak, zulke moderne middelen: dat kennen de Tunesiërs allemaal niet. Van Herpen: “We drukken ze ook op het hart om de tijd te nemen voor een gesprek met een cliënt en hem aandacht te geven. Alleen dit al kan een helend effect hebben.” 

“We willen precies weten hoe Nederland de hulpverlening heeft georganiseerd”

Cake bij de koffie

De Tunesiërs kijken ook op van de hiërarchie. Een korporaal die met een luitenant-kolonel praat? Een bataljonscommandant die cake bij de koffie serveert? Dat is wennen… “De Tunesische delegatie voelde zich in menig opzicht overdonderd”, glimlacht Van Herpen.

Toch bleef de groep scherp, zoals het commentaar van delegatieleider kolonel-arts Oumaya, hoofd van de afdeling Psychiatrie van het Militair Hospitaal in Tunis, onderstreept. “We zijn geïmponeerd door de hoge kwaliteit van jullie trainingen in mentale weerbaarheid. Hetzelfde geldt voor het teamwork. In Tunesië werken diensten vaak los van elkaar, in aparte departementen. We denken eraan om delen van het Nederlandse systeem over te nemen, bijvoorbeeld hoe je iemand met PTSS behandelt. Ook zijn we geïnteresseerd in de manier waarop Nederland de psychologische hulpverlening organiseert. We zijn uw land heel dankbaar.” 

De Tunesiërs krijgen uitleg bij de klimtoren op de Oranjekazerne in Schaarsbergen. “We are impressed.”

“Het vertrouwen is er”

Deze weken geven psychologen van de MGGZ voor de laatste keer cursus in Tunesië, onder meer in groepstherapie. Volgens Van Herpen is het een zaak van de (zeer) lange adem voordat een systeem van hulpverlening naar voorbeeld van het Nederlandse in Tunesië is ingebed. “Maar het vertrouwen is er.”