Tekst Eerste luitenant Johanna van Waardenberg
Foto korporaal 1 Zadrach Salampessy

Een man van weinig woorden

“De 100-jarige staat bekend als grappenmaker”

Groot feest in Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen Bronbeek. Adjudant b.d. Cornelis Willem Ottevanger vierde op 13 augustus zijn 100ste verjaardag. Inmiddels behoort hij tot de laatste generatie oud-militairen van het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL).

Verbaasd kijkt Ottevanger om zich heen als de eetzaal in Bronbeek zich met tientallen mensen vult. Ongemakkelijk trekt hij aan het boord van zijn tenue. De oud-militair ergert zich zichtbaar aan zijn pak op deze warme dag. Achter hem staat een tafel vol cadeautjes, zijn stoel is versierd met ballonnen. Hij lacht, krijgt kusjes, schudt handen en trekt om de zoveel tijd een gek gezicht. Voor Ottevanger een manier zich even te ontladen. De 100-jarige staat bekend als grappenmaker. “Mijn vader is een man met gebruiksaanwijzing”, lacht zoon Karel Ottevanger. “Het is even doorprikken, maar als mensen hem eenmaal kennen, waarderen ze zijn gevoel voor humor.”

Ottevanger tekende in 1934 voor het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). Inmiddels behoort hij tot de laatste generatie oud-militairen van het KNIL.

“Zijn generatie praat niet graag over de oorlog”

Een raadsel

Ottevanger blijft op een humoristische wijze jong van geest. “Zowel lichamelijk als mentaal doet mijn vader het goed. Hij is alleen slechthorend”, vertelt zoon Karel. Het blijft een raadsel waarom de adjudant b.d. zo oud is geworden. Volgens hemzelf is dit iets wat hem gewoon gegeven is, maar volgens zijn zoon is het de dagelijkse structuur. Uit de interactie met zijn gasten blijkt hoe goed de oude man nog bij de tijd is. Hij herkent iedereen en creëert ondanks de drukte steeds een persoonlijk momentje. “Mijn vader heeft voor iedereen een andere groet. Geweldig om te zien.” 

Zwaar leven

Ondanks zijn sociale karakter is Ottevanger een man van weinig woorden. Hij praat niet graag over zichzelf. Zijn zoon kent hem niet anders. “De laatste jaren is hij iets spraakzamer geworden, maar nog steeds weten wij vrij weinig over zijn diensttijd”, vertelt hij. “De verhalen die we kennen, hoorden we via mijn moeder.” De kinderen van Ottevanger vinden dit best jammer. “Het is wel logisch dat onze vader zo is, gezien zijn verleden. Eerst zat hij in een internaat, daarna ging hij in militaire dienst. Hij heeft een zwaar leven gehad. Bovendien praat zijn generatie niet graag over de oorlog, helaas.”

Een familieportret om deze bijzondere dag te vereeuwigen.

“Voor iedereen een andere groet”

Kattenkwaad

Om de bijzondere verjaardag te vereeuwigen, gaat de hele familie op de foto. Ottevanger schuifelt langzaam met zijn rollator naar buiten. Terwijl iedereen zich serieus klaarmaakt voor het familieportret, haalt hij weer wat kattenkwaad uit. Grinnikend trekt hij zijn hoofddeksel ver over zijn hoofd als er een foto gemaakt wordt. “Nou is het genoeg pa”, roept zijn dochter. Karel lacht: “Typisch mijn vader. Volgens mij houden dit soort streken hem jong.” 

De 100ste verjaardag van adjudant b.d. Cornelis Willem Ottevanger wordt groots gevierd. Familieleden, kennissen en medebewoners van Bronbeek kwamen in groten getale naar het feestje.

Militaire loopbaan

Adjudant b.d. Ottevanger is geboren op 13 augustus 1915 in Tjimahi op Java. In 1934 tekende hij voor het KNIL. Volgens eigen zeggen om simpelweg ‘brood op de plank’ te brengen. Tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië van 1942 tot 1945 raakte hij korte tijd in krijgsgevangenschap op Celebes (Indonesië). Na de Japanse capitulatie meldde hij zich weer voor de dienst. In september 1950 vertrok hij definitief uit Indië naar Nederland met het emigratieschip de ‘Fair Sea’. Vervolgens diende hij als beroepsmilitair bij de landmacht tot zijn eervol ontslag in 1957. Met een onderbreking van 3 jaar woont hij sinds 2002 in het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen Bronbeek.