Tekst kapitein Jaap Wolting
Foto collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie

Historici worstelen met digitalisering bestanden

NIMH
Op 3 juni 1940 maakt een Duitse JU 88 een noodlanding op Schiphol.

De sleutel tot het Nederlandse militaire verleden ligt veilig opgeborgen in de Hofstad. Binnen de poorten van de Frederikkazerne om precies te zijn. Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) herbergt een schat aan documentatie, foto’s, films en video’s. In deze tijd waarin digitalisering een mode- misschien wel toverwoord is, plaatst dat het instituut tegelijkertijd voor een probleempje.

Het Nederlands Instituut voor Militaire Historie is een gespecialiseerd wetenschappelijk onderzoeks- en kennisinstituut van en voor de krijgsmacht. Bijzonder is dat het ook voor de (buitenlandse) media werkt. De instelling met het grootste militaire beeldarchief in Nederland ziet dat terug in de vele maatschappelijke (aan)vragen. Directeur Piet Kamphuis: “Wij doen zelfstandig zaken met journalisten. Als je in het NOS Journaal beelden ziet over ons krijgsmachtverleden, is er tachtig procent kans dat ze uit onze collectie komen. Gaat het om onderwerpen uit het recente verleden of gevoelige kwesties zoals Srebrenica? Dan seinen we de directie Communicatie (DCO) in. Vragen over ‘facts & figures’ beantwoorden we daarbij zelf, in voorkomende gevallen verzorgt DCO de woordvoering.”

NIMH

Duizenden vragen

Het NIMH komt ook om de hoek kijken als Defensie over een bepaald onderwerp verantwoording moet afleggen. “Wij krijgen bijvoorbeeld met Kamervragen aan de minister te maken”, vertelt paatsvervangend directeur Adrie van Vliet. “In dat geval helpen wij haar met de beantwoording. Voorbeelden zijn vragen over incidenten tijdens de UNIFIL-periode of over de treinkaping bij De Punt in 1977.”

NIMH

Het NIMH is van meer markten thuis. Zo beantwoordt het intituut jaarlijks duizenden vragen uit de samenleving, publiceert boeken en verzorgt andere publicaties. “Daarmee maken we duidelijk welke bijzondere rol de krijgsmacht voor de samenleving vervult. Zowel vroeger als nu”, stelt Kamphuis.

Van Vliet vult aan: “De essentie van het NIMH is dat we, zoals al gezegd, ván en vóór de krijgsmacht zijn. Daarnaast hebben we een belangrijke functie voor de buitenwereld. Neem de 250.000 foto’s in onze beeldbank. Iedereen kan ze bestellen en zelfs op canvas laten afdrukken. Daarnaast bezitten we nog eens 1.750.000 foto’s, 70.000 boeken en duizenden films en video’s.”

NIMH

Gevechtsrapportages

Waar de collectie vandaan komt? In de eerste plaats van het Mediacentrum Defensie (MCD). Ten tweede krijgt het instituut veel materiaal van particulieren en op de derde plaats is er een bescheiden aankoopbudget. Een recente aanwinst is uniek beeldmateriaal van kleinere vliegvelden uit de Tweede Wereldoorlog. Aangeboden door nota bene een Duitse veteraan... “Wat ik persoonlijk geweldig vind zijn de gevechtsrapportages uit de Meidagen van 1940”, vervolgt Van Vliet. “Gemaakt door officieren en andere leidinggevenden die na de capitulatie het verzoek kregen om alle gebeurtenissen op papier te zetten. Heeft iemand ergens in Nederland gevochten, dan kunnen wij vaak relatief gemakkelijk nagaan wat zijn eenheid meemaakte.”

Een ander juweeltje is het beeldmaterieel dat een oudgediende in Nederlands-Indië schoot. Vlak voor de slag bij de Javazee maakte de amateur bewegende beelden van de Nederlandse marineschepen. “Schitterend als zoiets komt bovendrijven”, weet Van Vliet. (Video: Bron: Nederlands Instituut voor Militaire Historie).

Pionieren

De kilometers foto’s, films en video’s zadelen het NIMH tegelijkertijd met een probleempje op: het digitaliseren van deze bestanden. “We gaan met de tijd mee, maar kijken de kat altijd eerst uit de boom. Laat anderen maar pionieren. Als iets werkt, nemen wij het wel over”, vertelt Kamphuis.

NIMH

“Hoe kun je waarborgen dat hackers de digitale informatie niet manipuleren?”

Als voorbeeld pakt hij de bladen van de krijgsmacht bij de kop. Die zijn tegenwoordig ‘digitaal’, maar er is volgens hem onvoldoende nagedacht over de vraag of je die bladen over ongeveer vijf jaar nog in een bestand kunt opzoeken. Terwijl het nuttige bronnen zijn om informatieverzoeken af te doen. De Koninklijke Bibliotheek, het Nationaal Archief; allemaal worstelen ze met de ‘duurzaamheid’ van digitalisering, weet Kamphuis. Verder vraagt hij zich af hoe je kunt waarborgen dat hackers de digitale informatie niet manipuleren. “Ook dat is een punt van zorg.”

NIMH