Dit artikel hoort bij: Pijler (opgeheven) 06

“Ik verwacht operationeel te kunnen werken”

Tekst Jack Oosthoek
Foto Louis Meulstee

Hessel Faber nieuwe CDC-adjudant

x
Begin september is het ‘einde oefening’ voor Van Daalen en zwaait hij af. “Ik kijk terug op een militaire loopbaan vol ‘rijke’ momenten.”

Hij stapte drie jaar geleden met een glimlach het Commando DienstenCentra binnen. Op 26 augustus zwaait hij af, opnieuw met een glimlach. Adjudant der mariniers Martin van Daalen draagt zijn functie van CDC-adjudant die dag op de Kromhout Kazerne over aan Hessel Faber, nu nog adjudant van de Defensie Materieel Organisatie (DMO). Pijler zette ze aan tafel en liet ze elkaar ‘ondervragen’. 

1

Hessel, verwacht je aan het CDC te moeten wennen? Dat is immers een smeltkroes van culturen?

“Nee, de Defensie Materieel Organisatie is ook een smeltkroes van culturen. Bovendien ben ik er als onderofficier mee opgegroeid om met verschillende categorieën personeel te werken.”

2

Martin, waar ben je het meest trots op als je terugkijkt op je periode als CDC-adjudant?

“Op de positie van de onderofficier en de daarmee gelijk geschaalde burger, de meewerkend voorman. Onze stem wordt serieus genomen. Dat neemt niet weg dat de leiding ons best nóg meer mag betrekken bij plannen met (grote) consequenties voor het personeel op de werkvloer. Verder ben ik trots op het vakmanschap van het CDC-personeel.” 

x
x
x

“Niet echt, ik ambieerde deze functie. De vele vakdisciplines binnen het CDC spreken me aan. Maar toegegeven, een militair wil, als het kan, operationeel zijn. Alleen liggen die banen niet meer voor het oprapen. Aan de andere kant verwacht ik in het CDC in zekere zin ook operationeel te kunnen werken. De onderdeelsadjudant is de schakel tussen de leiding en het personeel. Dat is ook operationeel werk. Je probeert het beste voor de mannen in het ‘voorterrein’ te bereiken.”

x
x
x

“Zorg voor frisse ideeën. Als je, zoals ik, drie jaar bij het CDC werkt, ligt bedrijfsblindheid mogelijk op de loer. Doe deze baan verder zoveel mogelijk vanuit je hart. Het CDC neemt aan de hand van nota’s en regels al zoveel rationele beslissingen. Dat is prima, maar probeer jij de man te zijn die soms de emotie laat meetellen. Blijf de mens op de werkvloer in beeld brengen.”

Hessel: “Zo sta ik er ook in. Ik ben ook van plan om van mijn hart geen moordkuil te maken. Zo mag de mobiliteit van het burgerpersoneel best omhoog. Veel burgers wisselen alleen na een reorganisatie van functie. Maar eigenlijk moet je dat vaker doen, zo ontwikkel je jezelf verder. En daar profiteert het bedrijf waar je werkt weer van. Dat de mobiliteit bij burgers laag ligt, komt door het gesloten personeelssysteem voor deze categorie personeel. Dat kent geen ‘einde functieduur’, zoals bij militairen. Als het om loopbaanbegeleiding van burgers gaat, heeft Defensie nog veel stappen te maken.”

5

Hessel, wat denk jij anders te doen dan ik?

“Aangezien wij dezelfde taal spreken, ga ik in grote lijnen door met wat jij deed. De mensen mogen van mij grote betrokkenheid verwachten. Aan de andere kant ben ik geen kopie van jou. Ik blijf mezelf. De beste manier om wat te bereiken.”

6

Martin, hoe bereidde je je op je Functioneel Leeftijdsontslag voor?

“Niet. Daar houd ik me pas na 4 september mee bezig. Die dag begin ik samen met drie oud-collega’s aan een tocht per motorfiets over IJsland. We blijven een paar weken weg. Deze periode grijp ik aan om over mijn toekomst na te denken. In elk geval kijk ik terug op een militaire loopbaan vol rijke momenten. Het zal moeilijk worden om Defensie los te laten.”