Tekst Ingmar Kooman
Foto Oeno Los

opuitzending

In deze rubriek staat een militair of burger van het Commando Dienstencentra centraal die naar het buitenland is of was uitgezonden, of daarvoor op de nominatie staat. Deze keer luitenant-kolonel Oeno Los. De adviseur accountmanagement van de Divisie Vastgoed & Beveiliging sprak in november in de Pijler over zijn aanstaande uitzending naar Afghanistan. Nu blikt hij terug.

Wat was jouw eerste indruk van Afghanistan?

“Kleurloos. Ondanks wat ik al wist van het land, verbaasde het me toch hoe eenvoudig de mensen er leven. Daar proberen we een Westers modern plaatje neer te zetten. Maar de gebrekkige voorzieningen op het gebied van elektra, gas en brandstof vormen een grote hindernis voor bijna alles dat wij zo vanzelfsprekend vinden.” 

Portret

Hoe zag je dat terug in je werk als officier infrastructuur met ‘Afghan National Army engineer development’ in je werkpakket?

“Ik moest vanuit Kamp Marmal bij Mazar-e-Sharif een bataljon van de Afghaanse genie ondersteunen in hun opleiding en training. In de praktijk kwam dat vooral neer op het via de Afghaanse legerleiding oplossen van allerlei logistieke en materiële problemen. Denk aan ontbrekende gereedschappen regelen, brandstoftekorten aankaarten, afspraken maken rondom nieuwe huisvesting. Allemaal randvoorwaarden om het geniebataljon operationeel inzetbaar te kunnen maken.” 

Uitzending
Mijn team.

De ISAF-missie loopt op zijn einde, wat merkte je daarvan?

“De Afghanen zijn zelf militair ‘in the lead’. Als ISAF opereren we dus reactief, ondersteunend. We hebben vooral een coachende rol. ‘Ons’ geniebataljon had haar theoretische training afgerond. Maar het ontbrak ze vaak aan brandstof voor hun voertuigpraktijktraining. Dan probeer je daar wat voor te regelen. Maar je moet je goed realiseren dat het enige wat wij kunnen, is adviseren hoe je iets wellicht beter zou kunnen doen. De keuze van de uiteindelijke beslissing laat je aan hen.” 

Uitzending
Zondagmorgen, koffiemoment met alle Nederlanders in het hoofdkwartier. Dan kregen we ook onze post. Moment dus om naar uit te kijken.

'Geen Herr Oberst, gewoon Oeno'

Wat heb je kunnen uitrichten?

“Als team hebben we wel degelijk stappen kunnen zetten, al had ik zeker meer gewild.” Daarnaast hielpen wij waar we konden. “Zo vroegen de stadsbestuurders van Mazar-e-Sharif ons om hulp bij hun stedebouwkundige plannen. Niet onze taak, maar ze waren wel al zó blij met een actuele stadsplattegrond. Ze werkten namelijk nog met een plattegrond uit de Russische tijd. De Afghanen die ik heb ontmoet zijn goedwillende mensen. Er liggen dus kansen om dit land te ontwikkelen. Dat besef is het mooiste dat ik meeneem.”

Uitzending
Bewaakt de stad in voor een onderzoek naar de electriciteitsvoorziening van de stad. Het trafostation dateerde nog uit de Russische tijd, maar het functioneerde.

Wat viel tegen?

“In mijn tussentijdse verlof zijn mijn vrouw en ik verhuisd. Ik ben thuis de regelaar, de kinderen zijn het huis uit. Maar alle voorbereidingen, afvinklijstjes en regelmatig e-mailverkeer kunnen niet vergoeden dat je er niet bent. Je wilt samen zo’n nieuwe start maken. Dat heb ik achteraf gezien echt onderschat.”

Uitzending
Luchtfoto van het kleurloze Mazar-e-Sharif

Hoe kijk je al met al terug op je uitzending?

“Vooral het werken binnen een internationale staf vond ik erg interessant. Ik werkte met militairen uit een groot aantal landen, ik geloof wel zo’n 17 nationaliteiten, allemaal verschillende culturen, maar we losten samen de dingen op. Het klikte gewoon. Bij mijn directe Duitse collega’s merkte ik ook dat ze mijn open manier van leidinggeven erg waardeerden. Ze spraken mij niet aan als ‘Herr Oberst’, ik was gewoon ‘Oeno’. Daarmee kreeg ik echt heel veel gedaan. Het was een heel fijne ervaring. We hadden echt een heel goed team.”